Met een controle- en filteringplan houd je grip op de dynamiek en klankkleur van je totaalmix. Je bepaalt voor elk instrument welke frequenties belangrijk zijn en welke juist ruimte mogen maken, zodat de mix helder en in balans blijft.
In de les luisteren we per groep naar resonanties, modderig laag of scherpe pieken. Je maakt een plan voor high-pass, low-pass en subtiele cuts, zodat elke track alleen nuttige informatie behoudt. Dit voorkomt opstapeling in het gevoelige frequentiespectrum en zorgt dat de mix al veel strakker klinkt voordat compressie of effecten nodig zijn. Zo werk je efficiënt én muzikaal.