Hoeveel er binnen een passage gebeurt, bepaalt hoe de muziek aanvoelt. Door meer of minder ruimte te maken kan een compositie vol en drukkend klinken, of juist open en rustig ademend.
Bij het werken aan muzikale dichtheid ontdek je hoe energie en overzicht elkaar beïnvloeden. Je leert wanneer veel noten kracht en intensiteit geven en wanneer juist het weglaten ervan meer ruimte en spanning oplevert. Door bewust te spelen met herhaling en leegte wordt duidelijk hoe ‘dikte’ en transparantie doelgericht kunnen worden gestuurd, zonder dat het geheel zijn helderheid of samenhang verliest.